Piet Barends stopte met zijn winkel om zich in te zetten voor Stichting Vluchtelingenwerk

0

LEMMER – “Piet?” “Ja?” “Hallo, ik heb je al een paar jaar niet meer gesproken, maar ik kom er niet uit. Er is deze maand drie keer € 13,50 van mijn bankrekening gehaald door de Postcodeloterij. Ik begrijp niet waarom.” “Waarschijnlijk omdat je je daarvoor hebt aangemeld, lijkt me.” “Ik begrijp het niet. Kun je me helpen Piet?” “Tuurlijk, ik ga er gelijk werk van maken.” Piet Barends, 78 jaar, werkt voor Stichting Vluchtelingenwerk en helpt mensen om hun bestaan in Nederland op te bouwen.”

“Weet je wat het is?”, begint Piet Barends, “Ik heb jaren lang met mijn vrouw Peep een winkel gerund in Lemmer. We hebben een heerlijke tijd gehad, maar het vroeg alle aandacht. Alsof er nergens anders meer tijd voor was. Een leuk en sociaal bestaan, maar tegelijk drong zich een gevoel op, dat ik meer wilde doen voor mijn medemens. Die kans kregen we. We werden in de loop der jaren minder afhankelijk van de winkel en we besloten die van de hand te doen. Met een andere manier van leven voor me, kwam ik via het Leger des Heils bij Humanitas terecht en daarna bij Stichting Vluchtelingenwerk.”

Heel andere cultuur

“Ik vind het een voorrecht om voor mensen met allerlei nare ervaringen van betekenis te zijn. Ze komen uit landen waar de cultuur heel anders is. De meesten kennen geen Engels. Ze zijn niet gewend om heel veel praktische zaken via de computer en internet te regelen. Vaak zijn ze ook niet gewend om hun financiën goed op een rij te houden. Dat is waar ik van betekenis kan zijn. Om ze op weg te helpen zelfstandig te worden in Nederland.

Ik krijg geregeld een telefoontje met de vraag of ik een nieuw gezin of persoon wil begeleiden. Meestal begeleid ik een stuk of vier tot vijf nieuwkomers voor een jaar lang. Een van de eerste dingen die ik dan doe, is kennis maken. In dat gesprek geef ik aan wat ik voor hen kan betekenen. De meest cruciale vraag is of ze me vertrouwen, waarbij ik een goed gevoel moet hebben. Als ik het gevoel krijg dat ze dit niet doen of kunnen, stop ik de begeleiding. Ik moet namelijk al hun gegevens beheren. Van toeslagen aanvragen tot schulden aflossen. Van kinderen aanmelden op scholen tot meegaan naar de huisarts. Als ze me hierin niet vertrouwen, kan ik mijn werk niet doen. Wat ik van ze nodig heb, is hun volledig vertrouwen.”

Op weg helpen

“Zo heb ik wel eens een gezin begeleid dat kampte met veel achterstallige betalingen. Ze kregen het niet voor elkaar om hierin orde te scheppen. Ook wel begrijpelijk, want de Nederlandse normen en waarden vragen wel wat van de inwoners. Een simpel voorbeeld is dat ze maandelijks een uitkering en toeslagen krijgen. Dan komt er ineens een paar honderd euro op hun bankrekening. Om de onkosten te betalen, moet dit geld niet worden uitgegeven. Op die manier komen mensen snel in de schulden terecht. Zo ook bij dit gezin.

Voordat ik kwam helpen, gaf ik de opdracht om eerst alles te sorteren. De volgende dag bleek dat ze er nachtwerk van hadden gemaakt. Het hele huis lag bezaaid met papieren. Rekeningen en afschriften, alles lag door elkaar. We hebben eerst een schifting gemaakt van papieren jonger dan twee jaar. De rest hebben we weggegooid. Daarna schuldsanering aangevraagd. Zo bleek de man nog een schuld bij zijn werkgever te hebben. Na herhaalde verzoeken tot het aflossen daarvan en tot slot met een aangetekende brief, bleek de werkgever niet te reageren. Die schuld hebben we daarom als kwijtgescholden beschouwd.

Het lukte verder om een bijstandsuitkering aan te vragen en die zelfs met terugwerkende kracht van een aantal maanden uit te laten betalen. En als het zo lukt om orde in de chaos te scheppen en het gezin weer op weg te helpen, dan kom ik met een blij gevoel weer bij Peep thuis.”

Geen voorleesvader

“Soms geef ik mijn grenzen aan. In een jaar tijd bouw ik een hele hechte band op met de mensen die ik begeleid. Naast de praktische hulp die ik bied, word ik wel eens gevraagd voor hele andere dingen. Bijvoorbeeld om hun kinderen iedere week een keer voor te lezen, maar zover ga ik niet, ik ben geen voorleesvader. Op deze manier lukt het me om de begeleiding na een jaar achter me te laten. Hoewel die hechte band er is, is het goed om elkaar daarna weer los te laten. Al blijf ik met heel veel mensen nog jaren in contact en vragen ze me nog af en toe langs te komen.

En wat is het dan een voorrecht als ik zie met hoeveel warmte ik word ontvangen. Soms ga ik zelfs nog wel eens op bezoek, samen met Peep. Bijvoorbeeld om de geboorte van een nieuwkomer te vieren. Dat is en blijft het mooie van werken voor Vluchtelingenwerk.”

Door Albert Bouwman

Reageren

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

X
X

Deel dit met een vriend